Italië trekt zich politiek terug uit Europa

Verbazing alom over de terugtrekking van Italiaanse bestuurders uit de Europese federaties voor honkbal en softbal. Op dit terrein, waar sinds mensenheugenis Italianen steeds de eerste plaats wilden en kregen, daar heeft hun opzet nu niet gewerkt. Bij de gelijktijdige congressen van Europees honkbal en Europees softbal in Bled (Slovenië, grenzend aan Italie) faalde vorige week de Italiaanse lobby. De Italiaanse bond FIBS geeft de schuld aan de Nederlandse bond KNBSB.

Het lijkt erop alsof voorafgaand aan de twee congressen overleg is gevoerd tussen delegaties uit Nederland en Italië, waarbij de beide landen elkaars kandidaten voor het voorzitterschap zouden ondersteunen: Jan Esselman voor het voorzitterschap van Europees honkbal (CEB) en de Italiaan Totoni Sanna als voorzitter van het Europees softbal (ESF).

De CEB kende een vacature sinds het opstappen van de Duitser Martin Miller vorig jaar maart in Rotterdam. De ESF werd geleid door de Nederlander André van Overbeek. Kennelijk tegen de verwachting in van de Italiaanse delegatie in Bled, wist Van Overbeek op basis van een korte en bescheiden verklaring meer lidstaten (17) te overtuigen dan de vanuit Rome klaar gestoomde Sanna (11).

Negatieve uitwerking

De ESF verkiezing vond zaterdagmorgen plaats, maar kreeg door de verrassende uitslag een negatieve uitwerking op de houding van de Italianen tijdens het honkbalcongres. De alom gewaardeerde Italiaanse kandidaat voor het eerste vice-voorzitterschap van de CEB, de voormalige speler van Parma Massimo Fochi, trok zich onverwachts terug.

In Bled was ook de Italiaanse bondsvoorzitter Riccardo Fraccari aanwezig, die tevens actief is als voorzitter van de mondiale honkbalbond IBAF. Hoe sterk diens invloed was bij de beslissing van Fochi, is voorlopig nog onduidelijk. Waar Esselman volgens verwachting wel gekozen werd tot CEB-voorzitter, met of zonder steun van Italië, daar bleef de stoel van Fochi in eerste instantie leeg. Uiteindelijk werd in Israelier Peter Kurz, zelf in Bled afwezig, een vervanger gevonden.

Europese plannen

“Samen met de KNBSB hebben we de afgelopen achttien maanden gesproken over een Europees plan voor honkbal en softbal”, licht ‘Max’ Fochi, al sinds jaren vice-voorzitter van de FIBS, zijn keuze in een verklaring toe. “We leken het eens te zijn over het standpunt dat de Italiaan Totoni Sanna de juiste persoon was om de European Softball Federation te leiden. Eenmaal aangekomen op het congres in Bled werd ons duidelijk dat de KNBSB campagne had gevoerd om zijn Nederlandse afgevaardigde André Van Overbeek te laten herverkiezen als voorzitter van de ESF.”

Fochi vervolgt: “Wij hebben persoonlijk geen problemen met André, maar we geloven nu eenmaal niet dat hij de aangewezen persoon is voor deze functie. Tijdens de afgelopen vier jaar heeft hij naar onze mening niet aangetoond een gezamenlijk project van honkbal en softbal te ondersteunen. Het lijkt erop dat de KNBSB meer interesse heeft gehad in de functies van voorzitter, dan in het deelnemen aan onze Europese plannen. Aangezien de Nederlandse bond twee verschillende houdingen heeft getoond tijdens twee verschillende verkiezingen, die allebei onderdeel uitmaakten van hetzelfde Europese plan, had Italië geen interesse meer om daar deel van uit te maken.”

Betrouwbare partners

In diezelfde verklaring komt ook Totoni Sanna, de andere vice-voorzitter van de FIBS, aan het woord: “Ik maak al sinds 2004 deel uit van het bestuur van de ESF. Maar in Bled kreeg ik het idee dat we niet de betrouwbare partners hadden, die ik dacht dat we hadden. Meteen nadat we merkten dat we deel zouden uitmaken van een ESF-bestuur, dat voornamelijk bestaat uit landen die de gezamenlijke plannen voor honkbal en softbal niet als een prioriteit zien, wisten we dat we daar geen deel van uit wilden maken. Voor ons zou dat voelen alsof wij onze rug toekeren naar het idee van een gezamenlijk Olympich bid, of de plannen van de fusie tussen de IBAF en ISF. Om die reden heeft de FIBS besloten geen deel meer uit te maken van het huidige ESF-bestuur.”

Zo beginnen nu, voor het eerst sinds een generatie geleden Guus van der Heijden en Theo Vleeshhouwer aan het hoofd stonden van respectievelijk het Europees honkbal en softbal, weer twee Nederlanders leiding te geven aan dezelfde bewegingen. Destijds werd in eendrachtige samenwerking met de Italiaan Aldo Notari geprobeerd Olympische erkenning te krijgen. Die erkenning kwam er ook, mede dankzij het succesvolle wereldkampioenschap honkbal in 1986 in Nederland. Maar nu is het honkbal en softbal die erkenning al weer kwijt en moeten de Nederlandse bestuurders opnieuw zichzelf terugknokken naar het Olympisch podium.

Morgen kun je op de Nederlandse honkbalsite een reactie lezen van de Nederlanders André van Overbeek en Jan Esselman.

Deel dit bericht: Share on Facebook0Tweet about this on TwitterShare on Google+0Pin on Pinterest0Share on LinkedIn0Email this to someonePrint this page